Het werk van Mounir Eddib (1995) viel tijdens zijn eindexamen, nu twee jaar geleden, direct op door zijn compromisloze en eigenzinnige karakter. In zijn schilderijen permitteert hij zichzelf een grote artistieke vrijheid, die hij consequent en radicaal inzet. Het meest duidelijke voorbeeld daarvan zijn de grillige loden omlijstingen. Niet alleen kaderen ze zijn werk, ze worden een actieve component van het werk. Ze geven een zekere glans, maar ook een visueel en letterlijk gewicht. Alsof het werk nog niet zwaar genoeg was door het gebruik van hoofdzakelijk donkere kleuren zoals diep paars, blauw, zwart en vieze groenen en bruintinten.
Die vrijheid zit ook in het gebruik van minder conventionele schildermaterialen zoals tin, staalslakken en teer. In combinatie met grove, brede penseelstreken ontstaan zo onverwachte gebaren. Dat wil niet zeggen dat het werk uitsluitend grof is: vreemd genoeg combineert hij grote gebaren met verfijnde, haast kalligrafische elementen. Dat ze verfijnd zijn maakt zo niet ze esthetisch, Eddib lijkt ze juist te plaatsen op momenten die je niet verwacht zoals op de kleding van geportretteerden.
Een goed voorbeeld van waar deze keuzes tot radicaal vreemde beelden leiden is het werk Scorpionic Dream. Daarin combineert Eddib een donker, ruw geschilderd vlak met een explosieve ingreep met tin, die vanuit het duistere doek lijkt op te lichten. Maar wat eerst oogt als een grof gebaar, blijkt bij nadere blik zorgvuldig opgebouwd. In het tin verschijnt subtiel een maskerachtige vorm. Het geweld van het grote gebaar verandert zo in een geconcentreerd, bedachtzaam moment.
De werken in deze tentoonstelling zijn sterk uiteenlopend. Sommige zijn sculpturaal, andere evident schilderkunstig, weer andere eerder tekenachtig. Wat constant blijft zijn de vreemde combinaties van materiaal. Hij gaat daarin vaak zo ver dat de werken nog net intern samenhangend zijn. Het lijkt er haast op dat Eddib steeds opnieuw probeert te formuleren wat een beeld kan zijn als een fysiek object. Hij schildert als een beeldhouwer en maakt beelden als een schilder. Het materiaal is daarin belangrijk, maar uiteindelijk ondergeschikt aan het beeldend vermogen van het object. De ogenschijnlijke chaos van het grote gebaar worden afgewisseld met precisie, of andersom. De kunstenaar gunt zichzelf vrijheden die kunnen mislukken, maar hier stuk voor stuk overtuigen. Duister, zwaar, grillig, explosief, en tegelijk doordacht en op een vreemde manier cerebraal.
Deze tentoonstelling maakt nieuwsgierig naar meer.




























Deze tentoonstelling is tot en met 23 mei te zien bij Galerie Ron Mandos te Amsterdam.
![Ron Mandos; Mounir Eddib – Little Ghetto Boy Het werk van Mounir Eddib (1995) viel tijdens zijn eindexamen, nu twee jaar geleden, direct op door zijn compromisloze en eigenzinnige karakter. In zijn schilderijen permitteert hij zichzelf een grote […]](https://i0.wp.com/www.lost-painters.nl/wp-content/uploads/2026/05/Ron-Mandos-scaled.jpg?resize=640%2C250&ssl=1)

Zonde van al dat mooie materiaal.