Ik herinner me dat er een aantal jaar geleden sprake was van het sluiten van dit museum. Dat is ergens begrijpelijk: zowel het museum als de collectie zijn niet meer van deze tijd. Missionarissen gebruikten het museum als propaganda om hun missie te legitimeren voor de Nederlandse kerkgangers. Andere culturen werden gepresenteerd als curiositeiten, of gereduceerd tot banale stereotypen en clichés die zogenaamd de redding van de kerk nodig hadden. Daarnaast is de herkomst van veel collectiestukken twijfelachtig tot ronduit problematisch. Hoe zijn deze objecten eigenlijk in Nederland terechtgekomen zonder dat er sprake was van uitbuiting? Tegelijkertijd is dit museum ook onderdeel van een bredere geschiedenis die aan het begin van de twintigste eeuw eerder regel dan uitzondering was. Ja, het is achterhaald, maar het is goed ons bewust te zijn van waarom dat zo is.
De huidige tentoonstelling De collectie verzet kan dan ook zowel letterlijk als symbolisch worden opgevat. Objecten zijn verplaatst, maar er is ook ruimte gemaakt voor hedendaagse ingrepen die de hierboven geschetste problematiek expliciet agenderen. Het is alsof er een paard van Troje in het museum is binnengelaten. Stemmen vanuit uiteenlopende posities zijn hier in het overweldigende geheel geplaatst. Een sterk voorbeeld is de installatie van Benjamin Li, die al jaren werkt aan een project waarin de clichés rond Chinese afhaalrestaurants centraal staan. Een deel van dat project is nu ondergebracht in de Chinese afdeling van het museum. Daarmee wordt niet alleen de presentatie geactualiseerd, maar wordt ook des te duidelijker hoe hardnekkig en clichématig deze beelden zijn.
Een ander geslaagd project is dat van Boris van Berkum, die een dekoloniale geur heeft ontwikkeld. Het werk staat enigszins verstopt in een hoek van het museum, maar geeft een intrigerende draai aan het geheel: je ruikt onder meer wierook en kamfer. De geur is exotisch en aangenaam, maar de context waarin die wordt aangeboden is nadrukkelijk kritisch.
Zo gaan alle werken, linksom of rechtsom, een relatie aan met de collectie en de eerder genoemde kanttekeningen, zonder dat zij een inbreuk doen op het museum als historisch document.
Hoewel deze tentoonstelling inhoudelijk aansluit bij het bredere debat over representatie en inclusiviteit, voelt zij in dit museum niet alleen logisch maar ook oprecht noodzakelijk: deze tentoonstelling móét hier plaatsvinden, en niet ergens anders. De combinaties zijn verrassend en, ondanks alle complexiteit en gevoeligheden, zorgvuldig uitgevoerd, zonder overdreven didactisch te worden of open deuren in te trappen. De collectie verzet is een kritische reflectie op het museum, zonder het museum daarmee overbodig te maken. De vaste collectie doet ertoe: juist in al haar problematische aspecten. Het gaat erom dat we ons daarvan bewust zijn.




























Deze ingrepen in de vaste collectie zijn nog tot en met 1 maart te zien bij Missiemuseum in Steyl.
![Missiemuseum Steyl; De collectie verzet Ik herinner me dat er een aantal jaar geleden sprake was van het sluiten van dit museum. Dat is ergens begrijpelijk: zowel het museum als de collectie zijn niet meer […]](https://i0.wp.com/www.lost-painters.nl/wp-content/uploads/2026/02/Benjamin-Li-Billy-Li-Bar-2025.jpg?resize=640%2C250&ssl=1)

Laat een reactie achter;