Leesvoer (1): Duel – Joost Zwagerman (Inzending Esther)

[Een nieuw item op het blog, Leesvoer. Sinds een poosje hebben we hier een editor die zo nu en dan mijn grootste spelfouten eruit haalt. Die kwam met de suggestie […]

[Een nieuw item op het blog, Leesvoer. Sinds een poosje hebben we hier een editor die zo nu en dan mijn grootste spelfouten eruit haalt. Die kwam met de suggestie om ook eens boeken die over kunst handelen in het blog op te nemen. Goed idee dacht ik, dus zij schreef een tekst over het boek van Joost Zwagerman. Ik ben bezig aan de nieuwe editie van ‘Verf’ van Hans den Hartog Jager en ‘Zo werken wij’ van Shacha Bronwasser, dus er komen nog meer boeken aan.]

 

‘Duel’- Joost Zwagerman

(boek kopen doe je hier)

“Als bevroren keek Verhooff naar zijn hand die voor de helft door het canvas stak. Hij durfde die hand niet te bewegen, laat staan terug te trekken.”

 Iets zo graag willen beschermen dat je het zelf vernietigt; het overkomt museumdirecteur Jelmer Verhooff in het boek ‘Duel’ van Joost Zwagerman, maar het is ook de rode draad in het verhaal.

 Niet alleen Rothko’s ‘Untitled No. 18’ heeft er onder te lijden, maar ook de gehele kunstwereld in het algemeen. Want wat is nou precies kunst? In zijn verhaal stelt Zwagerman belangrijke vragen over onze omgang met kunstschatten en historische meesterwerken. Zijn we niet een beetje doorgeslagen in onze verafgoding van de grote meesters? De kunst die in een museum hangt behoort toe aan een elite, er zijn immense geldbedragen mee gemoeid en ondertussen durven we het werk amper nog aan te raken omdat het in de loop der tijd steeds kwetsbaarder wordt.

 ‘Duel’ laat ons nadenken over de èchte waarde van kunst, die niet alleen maar in geld is uit te drukken, maar die vooral gaat om de oorspronkelijke ervaring van de kijker. Niet de elite, maar alle lagen van de samenleving. In het boek maakt Rothko’s meesterwerk in alle anonimiteit een reis over de wereld en blijkt deze een weldaad te zijn voor lagen van de bevolking waar hij anders nooit zou zijn terechtgekomen; demente bejaarden, zwakbegaafde kinderen en jeugdige delinquenten. Ongeacht je afkomst, sociale status of leeftijd kan een goed kunstwerk een ervaring zijn van belangrijke empirische, soms zelfs spirituele waarde. De grootste waarde van het kunstwerk zit hem dan ook niet in het geld, maar ligt in de oorspronkelijke ervaring van de kijker.

 “… maar stemgeluid en verkeersgedruis namen de indruk niet weg dat Untitled No. 18 vormgaf aan een kloosterlijke stilte, bescheiden en beschut, een op het canvas uitgespaarde stilte, die naarmate de blik zich langer aan de kleuren hechtte, intenser en vertrouwenwekkender werd …”

 Het boek gaat niet alleen over de waarde van het originele werk. Het bevraagt ook de waarde van een kopie. Jarenlang gingen we ervan uit dat een remake minder waard zou zijn dan het origineel. Een goede kopie echter, benadert het oorspronkelijke werk zo nauwkeurig dat het gros van de mensen het verschil niet merkt. Restauraties vormen in feite een keten van ingrepen op het origineel, maar is het niet gewoon makkelijker om een nieuwe te maken? Zolang dat voor het publiek dezelfde ervaring oplevert, waarom niet? Dat is de kwestie die auteur Zwagerman aan ons voorlegt.

 Hij speelt daarbij continu met het idee van tijdelijkheid en vervangbaarheid, een thema dat vaker terugkeert in het verhaal. Dat begint al met de verbouwing van het Hollands Museum in Amsterdam, waarbij het museum volledig leeggehaald is en Jelmer, de directeur, er tijdelijk woont om de verbouwingsperiode te overbruggen en krakers buiten de deur te houden. Vervolgens word je als lezer het verhaal in geslingerd met een wisseltruc door Emma Duiker, een kunstenares die ernaar streeft exacte kopieën te maken van meesterwerken. Zij heeft de Rothko in het museum verwisseld met de kopie die ze zelf geschilderd heeft, waarna de echte ‘Untitled No. 18’ begint met zijn reis om de wereld die onze kijk op kunst voorgoed moet gaan veranderen. Zoals het hoort bij een goed verhaal, wordt het einde netjes afgerond en blijkt Jelmer Verhooff als museumdirecteur zelf ook niet aan vervanging te kunnen ontkomen. Voortdurend worden oude waarden vernietigd om plaats te maken voor nieuwe.

 De drie hoofdpersonages in dit boek houden elkaar perfect in balans. We ontmoeten restaurateur Herman Olde Husink en kopiiste Emma Duiker, beide toegewijd en trouw aan hun eigen vak, maar ook tegenpolen van elkaar. Temidden van beide staat de museumdirecteur Jelmer Verhooff, die voortdurend voor lastige keuzes wordt gesteld omdat hij voor allebei sympathie kan opbrengen en tegelijk niet anders kan dan handelen in het belang van de kunst.

 ‘Duel’ is een spannend verhaal met veel onverwachte wendingen en geheime agenda’s waarin mensen en dingen niet langer zijn wat ze lijken. Behalve dat het boek lekker weg leest, nodigt het ook uit tot nadenken over het echte belang van kunst. Dingen worden vernietigd, verslijten of verlaten ons, maar Zwagerman probeert daarin geruststellend te zijn. Geef de veranderingen een kans. De wereld vergaat niet.